Wat zien we?

De belangrijkste zaken die we in de regio zien gebeuren.

Wind en zon verder in de wachtstand terwijl meer opwek nodig is

Ondanks de inzet van veel regio’s, stagneert de realisatie van wind- en zonprojecten. De oorzaken zijn niet veranderd: netcongestie, uitblijven van milieunormen voor windenergie, beperkt draagvlak, onrendabele businesscases, soms strenge invoering van de voorkeursvolgorde zon en prioriteit aan ruimte voor woningbouw en Defensie.

Ondertussen groeit de urgentie. In 2040 is ongeveer 2x zoveel wind op land nodig als nu, en 3x keer zoveel zon.

Regio's vragen om een helder doel met handelingsperspectief voor wind en zon op land na 2030, als onderdeel van het hele energiesysteem.

Meer lokale energie voor meer weerbaarheid

De oorlogen in de wereld maken duidelijk hoe kwetsbaar we zijn als we sterk afhankelijk zijn van kostbare en onvoorspelbare energie-import. Het zet de betaalbaarheid van energie onder druk en vergroot de inzet op meer strategische autonomie.

Lokale warmte, flexibel energiegebruik, opslag en beter op het energienet afgestemde wind- en zonprojecten kunnen die afhankelijkheid verminderen. Maar ook hier komt realisatie vaak moeilijk van de grond.

Regio's vragen om een helder nationaal verhaal, gebaseerd op het Nationaal Plan Energiesysteem, over waarom meer lokale energie noodzakelijk is voor betrouwbare en betaalbare energie.

Toenemende druk op afspraken en samenwerking

Waar regio's de afgesproken doelen en ambities niet halen, kan de onderlinge samenwerking onder druk komen te staan. In andere regio's zorgt het niet halen van de doelen en ambities juist voor een intensivering van de samenwerking, vanwege een gedeeld gevoel van urgentie. Meer druk kan helpen de doelstellingen te realiseren, maar kan ook de spanningen tussen overheden onderling en tussen overheid en inwoners versterken.

Met het oog op een aanvullende opgave na 2030 zijn – naast het realiseren van het huidige RES-bod – daarom twee dingen belangrijk: solidariteit tussen regio’s en een open gesprek met inwoners en andere betrokkenen.

Realistisch beeld beschikbare bronnen nodig​

Vrijwel alle regio's maken energiebeelden of -perspectieven die het energiesysteem verbinden met ruimtelijke en economische ontwikkelingen. Ook groeit de aandacht voor verankering in omgevingsbeleid.

Regio's benutten lokale kansen, maar rekenen ook op energie-import. De verwachtingen van warmte, repowering, groen gas, waterstof en kleine kerncentrales (SMR’s) zijn hoog.

Wat de optelsom van al die energieperspectieven betekent en hoe realistisch die is, is nog onduidelijk. Dat inzicht is wel nodig om plannen te maken die uitvoerbaar en toekomstbestendig zijn.

Aansluitpauze maakt netcongestie voelbaar

De aansluitpauze in diverse regio’s en het tekort aan netcapaciteit in andere provincies maken de urgentie van oplossingen voor netcongestie concreet. Regio’s werken hier steeds intensiever aan, samen met netbeheerders en landelijke programma’s, waarbij oplossingen voor zowel korte als lange termijn samenkomen.

Decentrale oplossingen bieden lokaal perspectief, naast netverzwaring. Er zijn kansen voor combinaties van opwek, warmte, batterijopslag en energiehubs. Daarvoor zijn de juiste randvoorwaarden nodig: betere toegang tot gebiedsdata, sturing via omgevingsrecht, netneutrale standaarden en aangepaste prijsprikkels.